“Toen stierf Job, oud en verzadigd van het leven.” Zo eindigt het Bijbelboek Job. Zijn leven was voltooid, om het met woorden van deze tijd te zeggen. En nee, hij was niet eenzaam en stond ook niet aan de kant van de maatschappij, uitgerangeerd en al. De wereld zat in zijn tijd wat anders in elkaar dan nu. Ik moest aan hem denken bij de felle discussie in onze tijd over de vrijheid om zelf het moment van je overlijden te kunnen kiezen.

Het argument daarvoor is dat mensen tot de conclusie komen dat hun leven voltooid is. De felle reactie van de Socialistische Partij op het initiatiefwetsvoorstel daarover riep veel commentaar op: dat gevoel krijgen mensen na de uitholling van de gezondheidszorg, vond de woordvoerder en dat mag niet zo gezegd worden. Anderen zeiden het wat netter: laten we ons inzetten om eenzaamheid te bestrijden en oude mensen niet langer het gevoel geven aan de kant te staan. Allemaal prima natuurlijk. Maar er zit meer aan vast. Kun je ook als gelovige zeggen dat je leven voltooid is? De Bijbel zegt het van Job. En van anderen.

Jacob
Denk maar aan Jacob. Hij werd op hoge leeftijd ziek en voelde zijn einde naderen. Hij gaf al zijn zoons instructies mee, en vooral zijn zegen. En dan zegt de Bijbel in Genesis 50: hij trok zijn voeten op het bed, blies de laatste adem uit en werd verenigd met zijn voorouders. Het staat er achter elkaar. Eerst kon hij nog een heleboel zeggen en dan is het zomaar afgelopen. Wij zijn daar niet bij geweest. Maar ook Jacob vond dat zijn leven voltooid was: het is de mensen gezet eenmaal te sterven….. Hij leefde bij die realiteit.

Simeon
Weer anders was het bij Simeon, in het nieuwe testament. Het was hem door de heilige Geest geopenbaard dat hij niet sterven zou voor hij de messias gezien zou hebben. Lucas vertelt in zijn evangelie niet hoe oud Simeon was, maar in de tekst ligt besloten dat hij erop gewacht heeft. En als dan het moment daar is en hij de jonge Jezus in de tempel ontmoet, samen met zijn moeder en vader, beseft hij dat zijn leven voltooid is: “Nu laat U, Heer, uw dienaar heengaan in vrede, zoals u beloofd hebt”. Zijn taak is volbracht en hij kan in vrede sterven. Hij was klaar met zijn leven.

Isaäc
Het was medio jaren zeventig. De emeritus-predikant van de GKv Enschede-Noord, ds. Isaäc de Wolff gaat nog een keer voor in zijn oude gemeente. Hij had een aantal jaren daarvoor afscheid genomen met een tekst uit Hebreeën. Maar de kerkgangers, waaronder ik, beseften dat het dit keer wel eens zijn echte afscheid zou kunnen zijn. Nu kwam de tekst uit Filippenzen 1: 21: ik verlang heen te gaan en met Christus te zijn. Het ging over Paulus en het ging over hemzelf. Bereid om langer te dienen als Christus dat vraagt, maar ook het besef dat het einde van zijn leven naderde. Een voltooid leven. Ds. De Wolff overleed niet lang daarna, in 1975.

Twee trends
In onze maatschappij zijn twee trends te bespeuren op dit punt. Aan de ene kant stijgt de gemiddelde levensverwachting. Ook vroeger waren er honderdjarigen, maar nu is het geen uitzondering meer en je kon zelfs lezen dat voor meisjes die nu geboren worden die leeftijd ‘normaal’ zal worden. Dan gaat het nog niet eens over de wat fantastisch aandoende betogen dat de leeftijden waarvan het boek Genesis vertelt, bereikbaar zullen worden. Ouder worden: als het medisch gezien kan, dan moet het ook.
Aan de andere kant zijn er ook veel mensen die dat helemaal niet fijn vinden en hun leven voltooid achten lang voordat hun lichaam het opgeeft. Vandaar het initiatiefvoorstel om dan levensbeëindiging mogelijk te maken. Ik vermoed een verband. Er is een inmiddels gevleugeld gezegde dat het in de gezondheidszorg erom gaat ‘to add life to years, not years to life: voeg leven toe aan de jaren en niet andersom, al kan het in ontwikkelingslanden uiteraard gaan om het laatste. Het zou goed zijn er met elkaar over na te denken of een deel van de problemen toch niet samenhangt met de trend dat die gemiddelde leeftijd steeds omhoog gaat – en moet gaan. Is de aandacht niet teveel gericht op de kwantiteit van het leven? En roept dat dan tegelijk niet de moeite op?

Doorgaan?
De discussie over vrijwillige levensbeëindiging heeft nog een ander aspect. Vanuit de Bijbel kun je gegronde bezwaren daartegen inbrengen. Het is, om in de woorden van de lofzang van Simeon te blijven, God die je ontslaat van je taak hier: nu laat U uw dienstknecht gaan in vrede. Autonomie heeft zijn grenzen. Maar ik merk soms dat christenen van de weeromstuit de andere kant op vliegen en van geen ophouden weten. Maar wat als God zelf al bezig is ontslag te geven? Moet je dan tot het uiterste doorgaan in de strijd met de ziekte? Wanneer is het verantwoord te stoppen met een behandeling? Of mag dat niet? De theoloog en medicus dr. A.A.Teeuw is in 2003 gepromoveerd op de ethische vragen rond sondevoeding bij CVA-patiënten: stel dat iemand na een beroerte niet slikken kan. De eerste gedachte is dan: sondevoeding. Maar wat als er geen vooruitzichten op herstel zijn? Ga je dan de sondevoeding stoppen? Een heel moeilijke beslissing. Hij pleit ervoor om vooraf grondig te overwegen wat je moet doen. Met andere woorden: het is voor hem geen automatisme om ‘years to life’ te voegen. Bezint eer ge begint. Dat is voor hem ook christelijke nuchterheid. En dat geldt ook in andere, door hem niet onderzochte situaties.
Van cruciaal belang is dan je vertrouwen op de behandelende artsen. Natuurlijk kunnen die er helemaal naast zitten. Maar we leven niet in het rijk van Hitler, waar veel artsen zich lieten inkapselen in zijn systeem. En je moet ook de soms schokkende verhalen die je hoort of leest niet projecteren op de man of vrouw die jou behandelt. Het is goed om op tijd het gesprek aan te gaan. Hoe sta je er zelf in en wat is voor de arts belangrijk.

Vertrouwen
Ook voor een gelovige kan het moment komen waarop hij beseft dat zijn leven voltooid is. Dat laten de voorbeelden uit oude en nieuwe testament wel zien. Bovendien heeft hij, zie de tekst uit Filippenzen, uitzicht op een nieuw leven bij de Heer. Dat begint al in dit leven hier. Die rust geeft nuchterheid in de gesprekken van dit moment en bij de vragen waarvoor je komt te staan als je geconfronteerd wordt met de eindigheid van het leven – van jezelf of van mensen in je directe omgeving.

Dit artikel is gepubliceerd in de GEREFORMEERDE KERKBODE van Groningen, Fryslan en Drenthe van 29 oktober. Voor abonnementen of informatie: Stuur een mail naar kerkbode@scholma.nl

Jan Kuiper

Jan Kuiper

Onderzoeker at Praktijkcentrum
Als eindredacteur verantwoordelijk voor artikelen voor werkers in de kerk. Wil hiermee een brug slaan van de bijbel naar de praktijk. Brengt hiervoor zijn ervaring als predikant in en zijn ervaring in projectmanagement. Heeft graag zicht op het grotere geheel. Schrijft het kerkelijk jaaroverzicht voor Handboek Gereformeerde Kerken. Mail of bel (038) 42 555 18
Jan Kuiper
Jan Kuiper

Latest posts by Jan Kuiper (see all)