Vrijheid is een kernwoord in de Bijbel. Prof. Herman Schilder gaf er in mijn studietijd college over. En tegen de gangbare mening van zie tijd in was zijn overtuiging dat je die vrijheid niet meteen moest inperken. Laat het maar gewoon staan. Je bent vrij. Niet direct erbij zeggen: vrij om… (vul maar iets moois in). Maar hoe verhoudt zich dat met je overtuiging dat God alles gemaakt heeft en recht heeft op de erkenning daarvan? Je kunt je kinderen nog zo vrij opvoeden, maar wie met hen praat over God en geloof, kan dat niet vrijblijvend doen. ‘Jo mat het self wiete’, hoorde ik vaak in Fryslân. Dat klinkt vrijblijvend. Maar er ging wel een waarschuwing aan vooraf. En die gelaagdheid blijkt soms storend te werken in het contact met wie de kerk verlaat. Zie dogmavrij.nl. Wat zegt dat over de manier waarop je met je kinderen en kleinkinderen God ter sprake brengt?

Laat toch geen dwang….

Voor u ooit nodig wezen. Een bekende regel uit de berijming van Psalm 32. Die lijkt in te houden dat dwang soms nodig is. En ik heb ook wel ouders van jongere kinderen horen zeggen: dat zal in mijn gezin niet gebeuren, als ze hoorden van de moeite die ouders van pubers soms hadden, omdat die jongens en meiden andere gedachten hadden over uitgaan en wat daarbij kon. Ze waren van plan resoluut op te treden. En niet alleen rond de disco. Stel dat je lesbische dochter met een vriendin thuiskomt.

Wie zo’n psalmregel als legitimatie voor pedagogische dwang opvat, vergeet een ding: David kijkt in die Psalm terug op de manier waarop God hem soms hardhandig opgevoed heeft. Die kan met een kromme stok rechte slagen geven. ‘Want zijn macht en goedheid zijn zó groot en gaan ons begrip zó te boven, dat Hij zijn werk zeer goed en rechtvaardig beschikt en doet, ook al handelen de duivelen en goddelozen onrechtvaardig’. (Art. 13 NGB, dat hierbij aantekent dat wij hier op de grenzen van ons verstand stuiten.) In feite een waarschuwing om als ouders niet voor God te spelen. Dat kun je niet en dat doet Hem tekort. Wat voor idee krijgen je kinderen van Hem als je Hem als stok achter de deur gebruikt? Toch is dat veel gebeurt: ‘God ziet alles’, als je zelf even weg bent.  Als je al een besef van God overhoudt, dan als controleur, in plaats van een liefhebbende Vader.

Vrijblijvend?

Betekent dit dan dat je alles rond de dienst van de Heer maar in het midden moet laten? Dat zou onzinnig zijn, want dan maak je in je leven een uitzondering. Er zijn ouders die bewust gekozen hebben voor een vegetarische of veganistische levenswijze. Daar kun je goede redenen voor hebben. Als je in zo’n gezin opgroeit, doe je vanzelf mee. Later kun je alsnog kiezen om te barbecueën. Maar de eerste periode van je leven word je ondergedompeld in een manier van leven die diepe wortels heeft. Hetzelfde geldt voor wie zijn kinderen naar een zogenaamde vrije school stuurt, met een antroposofische achtergrond. Dat mag allemaal. Je hebt een overtuiging die je belangrijk vindt en die je ook graag wil overdragen aan je kinderen. Dat blijkt dan nog behoorlijk lastig te zijn: kinderen die in een milieubewust gezin opgroeien, zijn het zelf niet zomaar.

Vanuit die algemene praktijk zie ik geen probleem om Jezus voor te houden aan je kinderen als de weg, de waarheid en het leven. Dat is inderdaad niet vrijblijvend, maar dat geldt voor zoveel keuzes die je moet maken in de loop van je leven. Je kunt ook niet neutraal spreken over de rechten van de mens bijvoorbeeld. Het niet vrijblijvende zit dan ook dat daarin dat je laat merken dat de dienst van de Heer voor jezelf een bron van vreugde is, en niet een opgelegd stramien. Ik denk hierbij aan Psalm 92, waar aan oude mensen beloofd wordt dat ze in de dienst van God groen en fris mogen blijven: ‘Zo getuigen zij dat de HEER recht doet, mijn rots, in wie geen onrecht is.’ Dat is iets anders dan klagen over de veranderingen.

Natuurlijk is het je diepste verlangen dat je kinderen Jezus ook zo leren kennen, maar in de Bijbel is het ook duidelijk dat dit alleen waarde heeft als ze zelf zover komen. ‘Zoek de HEER, nu hij zich laat vinden’ (Jesaja 55) komt in allerlei variaties in de Bijbel voor. Bij die zoektocht mag je helpen. Maar het is God zelf die het gezaaide laat opkomen. Dat vraagt erom dat je het bevel van geloof en bekering laat horen en tegelijk een stap terug doet.

De uitzondering van geloof

Vanuit een algemeen gezichtspunt zie ik geen reden om geloofsopvoeding uit te stellen tot je kinderen ouder geworden zijn. Dan zou de veganist zijn kinderen ook vlees moeten voorzetten, omdat hij natuurlijk zich wel realiseert dat er ook mensen zijn die geen been zien in het kluiven van een kippenpoot. Toch moet je elke keer opnieuw het goed recht van een christelijke school uitleggen en zijn er de klachten van kerkverlaters die hun kindertijd en pubertijd toch als heel dwangmatig ervaren hebben, Dat kan, dat besef ik, in de concrete situatie best wel zo geweest zijn, en misschien kwam/komt die concrete situatie vaker voor dan het ideaalbeeld is. Naast regelrechte dwang is er ook nog zoiets als manipulatie, waarbij het op een meer verborgen manier toch om inperking van de ruimte gaat: Papa is niet boos, maar verdrietig… En dat wil je toch niet als kind? Manipulatie kan ook zitten in de sfeer van een kerkdienst, waarbij je als vanzelf meegenomen wordt om een keuze te maken waar je nog niet aan toe bent.

Religie en dwang lijken ook bij elkaar te horen. In het verleden: denk aan de Inquisitie, en ook vandaag: denk aan de dominante positie van de Hindoes in India en de problemen die dat oplevert voor Kashmir. Om nog maar te zwijgen over de radicale islam. En ook als christenen in de meerderheid zijn, kan dat op zijn zachts gezegd, een arrogante houding opleveren. Als gelovige wil je in je manier van leven laten zien dat dit beeld er wel kan zijn, maar dat je dat zelf ook erg vindt: de vrijheid die je claimt voor jezelf, is er ook voor een ander.

In gesprek met de kerkverlater

De aanleiding voor dit en het vorige artikel was de opmerking dat wie in gesprek gaat met kerkverlaters, een verborgen agenda heeft: je wilt ze voor de kerk behouden, maar het gesprek gaat over kiezen in vrijheid. Nu deel je dat bijvoorbeeld met de medewerkers van Siriz, die vrouwen die abortus overwegen ook helpen om de alternatieven te overwegen, vanuit hun eigen standpunt over het afbreken van een zwangerschap. En ook Siriz heeft wat uit te leggen. Natuurlijk hoop je dat in het gesprek het nodige puin geruimd kan worden. En als je vanuit de kerk komt, mag dat ook helder zijn. En, bijna vanzelfsprekend, kan het gesprek gaan over allerlei vormen in de kerk die aangepast kunnen worden. Orgel of band bijvoorbeeld.

Dat is, in mijn herinnering aan de gesprekken met kerkverlaters, echter bijna nooit het punt waarop de keus tegen de gemeente zich voltrekt. En is ook niet het niveau waarop het gesprek gevoerd moet worden. Wie liever een band heeft, kan kiezen uit veel gemeentes waarbij die vorm van begeleiding standaard is. Maar als het gaat om mensen voor wie het geloof zelf een discussiepunt is, gaat het in het gesprek altijd weer om de vraag: wie is Jezus voor jou? En dan blijken mijn en hun weerstanden akelig op elkaar te lijken. In Hem steekt God zijn hand uit naar mij. Om mij te redden. Maar wil ik dat wel? Dat ik in Hem vrijheid vind, vraagt wel om de erkenning van mijn onvrijheid buiten Hem. Genoeg gespreksstof, ook voor wie vanuit de kerk komt.

Dit artikel is gepubliceerd in de GEREFORMEERDE KERKBODE van Groningen, Fryslan en Drenthe van 14 september 2019. Voor abonnementen of informatie: Stuur een mail naar kerkbode@scholma.nl

Jan Kuiper

Jan Kuiper

Onderzoeker at Praktijkcentrum
Als eindredacteur verantwoordelijk voor artikelen voor werkers in de kerk. Wil hiermee een brug slaan van de bijbel naar de praktijk. Brengt hiervoor zijn ervaring als predikant in en zijn ervaring in projectmanagement. Heeft graag zicht op het grotere geheel. Schrijft het kerkelijk jaaroverzicht voor Handboek Gereformeerde Kerken. Mail of bel (038) 42 555 18
Jan Kuiper
Jan Kuiper

Latest posts by Jan Kuiper (see all)