Geen experts-op-afstand maar actief meedenken hoe de kennis in de gemeenten benut kan worden bij het aanpakken van allerlei vraagstukken die in de kerken spelen. Dat werd bij de start van het Praktijkcentrum in september 2013 aan de kerken toegezegd. Hoe hebben we vanuit het Praktijkcentrum daar tot nu toe inhoud aan gegeven in ons advies-, onderzoeks- en ontwikkelwerk? En op welke onderdelen zouden we nog dichter bij de kerken kunnen komen?

Samenwerken als kerken, theologische universiteit, hogeschool en gemeenteopbouw-instelling om met elkaar te komen tot kennisontwikkeling en kennisdeling. Om op die manier de kwaliteit van de dienstverlening aan de kerken
te vergroten. En het onderwijs en onderzoek aan de Theologische Universiteit Kampen en Viaa-theologie actueel en
praktijkgericht te maken. In formele termen gaat het dan om co-creatie van kennis tussen gebruiker en adviseur/onderzoeker.

Op allerlei manieren
Het betekent dat de adviseur/onderzoeker op allerlei manieren aan de praat gaat met kerkenraden en gemeenteleden. Lokaal, als er specifieke vragen in een gemeente zijn. Bovenlokaal, bijvoorbeeld om te inventariseren welke ontwikkelingen en vraagstukken er binnen een classis spelen.
Landelijk, bijvoorbeeld in het doen van onderzoek in opdracht van deputaatschappen of om trends in het kerkelijk leven te ontdekken. De plaatselijke kerk signaleert ontwikkelingen die aandacht verdienen of waarbij hulp gevraagd wordt om er op een goede manier mee om te gaan. Het kan gaan om concrete voorlichting over vraagstukken of ontwikkelingen, om lokaal onderzoek of advies, om bovenlokale ondersteuning of om te zien of en hoe bepaalde ontwikkelingen op landelijk niveau aan de orde zijn.

Succesvolle co-creatie
Twee jaar werk overziende kan geconcludeerd worden dat op de meeste terreinen voorbeelden van succesvolle co-creatie zijn. Gemeenteadviseurs werken bij de analyse en aanpak van vraagstukken heel gericht samen met kerkenraden, leggen hun eigen waarnemingen voor in het gesprek, vragen kerkenraden om gericht nadere informatie te verzamelen, stellen daartoe samen met kerkenraden grotere of kleinere onderzoeken op, betrekken deskundigen uit de eigen gemeente er bewust bij. Omgekeerd hebben kerkenraden vaak zelf al een uitgebreide hoeveelheid informatie verzameld en ervaringen in opbouwprocessen, waardoor ze heel gericht vragen stellen aan de onderzoekers en adviseurs.

Een ander voorbeeld is het ter beschikking stellen van kennis over diversiteit en over generaties om processen binnen de kerken beter te begrijpen. Een serie lezingen in combinatie met zelfwerk-materiaal over diversiteit en
de mogelijkheid tot lokaal toegespitste begeleiding is goed ontvangen.
De Pepdagen voor ambtsdragers over de tucht zijn een voorbeeld van samenwerking tussen onderwijs en praktijk. Het studentonderzoek daarover is onderdeel van de normale opleiding tot predikant, maar levert tegelijk hopelijk nieuwe informatie waar de kerken hun voordeel mee kunnen doen.

Gegevens verzamelen
Nog beperkt aan de orde gekomen, is de systematische verzameling van gegevens over ontwikkelingen in het functioneren van gemeenten, ambten en allerlei activiteiten op bijvoorbeeld de terreinen pastoraat en
catechese. Ondertussen is een aantal keren overlegd met andere instanties binnen de kerken die gegevens verzamelen: SKW vanuit het werkgeversperspectief, het Diaconaal Steunpunt waar het diakenen en de diaconale gemeente aangaat, Deputaten Financiën & Beheer waar het bijvoorbeeld de ANBI-gegevens betreft, enzovoort. Dit overleg is opgezet om de kerken zo goed mogelijk te informeren welke soorten gegevens nodig zijn om trends te ontdekken en landelijk beleid te ontwikkelen. Of die nodig zijn vanwege overheidsverplichtingen. Maar ook om verschillen in ontwikkelingen tussen regio’s of tussen gemeenten in beeld te krijgen.

Bescheiden
Kennisontwikkeling en kennisdeling worden door alle deelnemers in gang gezet en gehouden. Daarbij is het goed om steeds voor ogen te houden dat kennis gemakkelijk kan leiden tot de gedachte dat wij zelf het bestaan als kerken volledig in de hand hebben.
De straf van God op de volkstelling die David liet uitvoeren, moet ons bescheiden maken hierin. Ook de spreukendichter merkt meerdere keren op dat mensen hun weg uitstippelen maar dat het God is die hun leven stuurt. Tegelijk zegt de Here Jezus dat het terecht is dat je een kostenberekening maakt voor je een project gaat starten.
Kennisontwikkeling en kennisdeling zijn een terechte zaak van de gelovige mens, ook voor de gemeenteontwikkeling. Maar anderzijds kan het slechts gedaan worden in gebed tot God om de wijsheid die alleen door Hem gegeven kan worden. ‘Eenvoudigweg en zonder verwijt’ (Jac. 1:5), een wijsheid die van boven komt: rein, vreedzaam, vriendelijk, gezeglijk, vol van ontferming en goede vruchten, onpartijdig en ongeveinsd (Jac.3:17). Laten we zo met elkaar opziend naar de Here samenwerken als kerken en Praktijkcentrum-medewerkers.

Dit artikel is gepubliceerd in ‘Dienst‘ nummer 4 2015

Henk Geertsema
Is verantwoordelijk voor de afstemming van de vragen uit de kerken, uit de theologische opleidingen en van de adviseurs en onderzoekers. Dienst aan de kerken in praktische zin in combinatie met dienst aan de (wetenschappelijke en praktische) doordenking van ons leven als volgeling van Jezus Christus. Met elkaar onderweg naar het nieuwe Koninkrijk van God, geleid door de Geest onder een open hemel. mail Henk
Henk Geertsema