‘Gemeente van Jezus Christus.’ Zo begin ik altijd een preek. Dat doe ik heel nadrukkelijk om aan te geven dat we dan bij elkaar zijn als Jezus’ gemeente en niet als een groepje enthousiaste clubleden van een religieus genootschap. Maar zo’n introductie heeft in het kader van dit themanummer wel een diepe lading.

In de uitdrukking ‘gemeente van Jezus Christus’ klinkt door dat de gemeente ‘van Jezus’ is, zoals een bruid van haar bruidegom is. De gemeente is ‘bruid van Christus’. Dat beeld heeft diepe, oudtestamentische wortels. Zo moet Jeremia tegen het volk zeggen namens de Heer: ‘Roep Jeruzalem toe: Dit zegt de HEER: Ik weet nog hoe je Me liefhad in je jeugd, van Me hield als mijn bruid, hoe je Me volgde door de woestijn, dat land waar niet wordt gezaaid’ (Jeremia 2:2). Een schitterende beschrijving die de hele Exodusgeschiedenis als een liefdesgeschiedenis benoemt.

Confronterend

Het beeld van de liefde tussen bruidegom en bruid heeft tegelijk ook een keerzijde, zoals een hoofdstuk later blijkt: ‘De HEER sprak: “Als een man van zijn vrouw scheidt en zij bij hem weggaat en de vrouw van een ander wordt, kan hij haar dan terugnemen? Wordt er dan geen smet op het land geworpen? Maar jij hebt met talloze minnaars overspel gepleegd, en je wilt toch weer bij Me terugkomen? – spreekt de HEER”’ (Jeremia 3:1). Deze tonen klinken ook in de profetie van Hosea en Jesaja door (bijvoorbeeld Hosea 2:4-25 en Jesaja 54:61,62).

Als we al denken over de kerk als bruid van Christus en ervan zingen: ‘Om haar als bruid te werven, kwam Hij ten hemel af’, dan gaat zo’n beeld lang niet altijd de diepte en breedte in die het eigenlijk heeft. Elk van ons heeft allerlei associaties met dit beeld. Het kan afgesleten raken of juist pijn en gemis, verdriet en kwaadheid oproepen. Het beeld van de bruidegom en bruid kan ook confronterend zijn.

Het is belangrijk al die emoties te erkennen en te benoemen. De kerk als bruid van Christus is niet alleen het roze romantische plaatje, maar stelt dat zelfs onder kritiek. God zelf neemt ons met dit beeld als het ware bij de hand, mee de bruiloftszaal in. Om ons als bruid te verbinden aan onze ‘man’, onze bruidegom, met alles wat dat oproept. Het is een beeld dat je mag leren proeven en ervaren in alles wat dat meebrengt.

Bruidsschat

Een aantal aspecten van het beeld als bruid van Christus ga ik langs. Allereerst betekent dit beeld in de context van de Bijbel dat de gemeente tot bruid wórdt: de bruidegom moet de prijs betalen die hiervoor staat, de bruidsschat. Wij zijn gekocht. Dat klinkt ons, 21ste-eeuwse westerlingen, toch wat wonderlijk in de oren. Daar heb je eerder beelden uit het Midden-Oosten bij. Wel, dat is ook de bedoeling. De Vader heeft ons uitgekozen: een huwelijk dat door de Vader is gearrangeerd. De bruidegom betaalde voor ons een dure prijs. Dat brengt het avondmaal in onze ervaring en herinnering. Het kruis was de prijs die de Zoon betaalde voor ons. Hij heeft ons gekocht.

De kerk als ‘bruid van Christus’ is niet het roze romantische plaatje, maar stelt dat onder kritiek

Maar toch: betalen voor een bruid dat klinkt als kindbruidjes uit verre landen die worden uitgehuwelijkt. Er zat in die cultuur echter ook iets moois. Op een forum van moslims die gaan trouwen, las ik over hoe een bruidsschat beleefd wordt door jongeren van vandaag uit die cultuur. Een meisje vroeg: ‘Hoeveel moet mijn aanstaande man als bruidsschat betalen? 3000 euro?’ Vervolgens zei ze: ‘Van mij hoeft het niet zo, hoor; hij mag ook 10 euro doen.’ Daarop kwam een reactie van iemand die schreef: ‘Kijk eens, iedereen heeft tegenwoordig een mobieltje. Zo’n ding kost (zeker de hippe soorten) zeker 400 euro. Als jij als vrouw nog niet eens de prijs van een mobieltje waard bent, dan zou ik nog maar eens goed nadenken als ik jou was.’

Zo wordt dat in een oosterse cultuur beleefd: een bruidsprijs, dat is wat je als man over hebt voor je vrouw. Als je dan bedenkt dat Jezus zijn leven gegeven heeft, dan wil dat zeggen: dit had de bruidegom Jezus over voor zijn bruid. Zoveel houdt Hij van ons. Jezus heeft ons zo lief dat hij voor ons als zijn bruid zijn leven over had. ’U bent gekocht en betaald’, schrijft Paulus (1 Korintiërs 6:20). Jezus zegt immers zelf in Johannes 15: ‘Jullie hebben niet Mij uitgekozen, maar Ik jullie’ (Johannes 15:16).

Bruidskleren

Dan het tweede aspect van het beeld als bruid: een bruid straalt. Dat aspect lees je terug in Openbaring 19:8. Daar gaat het over de kleren van de bruid. Wij zijn gekocht: zo zijn we bruid geworden van Jezus. Zo veel had Jezus over voor ons. Welnu, dan moeten we er tegen de tijd dat de bruiloft komt ook mooi uitzien. In dit vers wordt gezegd wat dit betekent: je mooie uiterlijk als bruid, als gemeente, is wat de heiligen aan goede daden gedaan hebben. Je uitstraling als bruid is zodoende ook wat jij aan goeds gedaan hebt.

Onze uitstraling op de bruiloft hangt van onze inzet voor een heilig leven af

Als gereformeerden hebben we een beetje een dubbele relatie met zulke teksten. Gepokt en gemazeld als we zijn in de Catechismus weten we dat onze goede werken nooit onze redding kunnen betekenen. We leven van genade. De roomse leer was dat je door goede werken zalig kon worden. Dat geloven wij niet. Hier staat echter toch iets wat ons moet aanzetten en aansporen tot een heilig leven. Onze uitstraling op de bruiloft hangt ervan af.

Daden

Bij het beeld van een bruid en bruidegom hoort ook: liefhebben met daden. Laten zien dat je geraakt bent. Ik denk dat hier voor ons in onze tijd een grote uitdaging ligt. Onze kerken kunnen juist dan laten zien wat leven met Jezus betekent: in wat we doen, onze praktijken. Niet – laat dat helder zijn – alsof wij onze heiligheid en zaligheid zelf kunnen ‘maken’. Laat ik daarvoor naar een andere Bijbeltekst gaan. Namelijk het begin van Paulus’ brief aan de Korintiërs. Daar staat: ‘Hij is het ook die u tot het einde toe de zekerheid geeft dat u geen blaam zal treffen op de dag van onze Heer Jezus Christus. God, door wie u geroepen bent om één te zijn met zijn Zoon Jezus Christus, onze Heer, is trouw’ (1 Korintiërs 1:8-9).

Door dat woordje ‘trouw’ wordt opnieuw iets van de sfeer van trouwen en huwelijk opgeroepen. God weet dat wij, mensen, zeker niet altijd trouw zijn. Er is veel wat ons afhoudt van dat ideaal. Maar God is trouw en Hij zal er zelf ook voor zorgen dat wij veranderen; dat wij vernieuwd worden. Hij geeft zelf ons zijn heilige Geest. Die Geest wil in ons werken en ons van binnenuit mooi en stralend maken. God zelf zal zorgen dat wij er stralend uitzien op die dag van onze Heer Jezus Christus: dat is die ene bruiloftsdag die een eeuwigheid duurt.

Leefstijl

In dit beeld schuilt een enorme drive en motivatie om goede dingen te doen. Hoe gemakkelijk is het om gewoon je gang te gaan; tevreden te zijn met hoe het gaat in je persoonlijke geloofsleven. Om je neer te leggen bij je eigen drukke leven waarin voor ‘goede daden’ lang niet altijd ruimte is. Hoe snel dat ook gebeurt, onze bruidegom wil echt heel veel moois aan ons geven: mooie kleren om aan te trekken. Sterker nog: dat stralende linnen van onze goede daden krijgen we van Christus zelf. Aan de christenen in Galatië schrijft Paulus dat we ons met Christus zelf mogen bekleden (Galaten 3:27). Dat is het geheim van deze stralende bruid met haar mooie kleren: ze heeft die gekregen van haar bruidegom.

Verlangen naar de bruiloft betekent dus ook dat de kerk haar leefstijl serieus moet nemen. Dat zijn de kleren waaraan je kunt zien dat ze bruid is!

Ontrouw

In de derde plaats staat het beeld van het huwelijk tussen God en zijn volk, tussen Jezus en de kerk en het beeld van de bruiloft van het Lam, tegen de achtergrond van onze ontrouw. Kijk maar naar Jeremia en Hosea, om die twee profeten nogmaals te noemen. Juist waar Gods trouw aan ons benadrukt wordt, springt ook onze kerkelijke, christelijke en gelovige ontrouw in het oog. De christelijke kerk is nog lang niet die onberispelijk geklede bruid. Ik werk dat hier niet uit, daarvoor zijn andere themanummers beter geschikt.

Bruiloftsmaal

De maaltijd, het bruiloftsmaal, hoort ook onlosmakelijk bij een bruiloft. De kerk viert deze maaltijd regelmatig. Een maaltijd die Jezus instelde vlak voor zijn sterven. ‘Ik zeg jullie: vanaf vandaag zal Ik niet meer van de vrucht van de wijnstok drinken tot de dag komt dat Ik er met jullie opnieuw van zal drinken in het koninkrijk van mijn Vader’ (Matteüs 26:29). In het boek Openbaring zegt Jezus tegen de gemeente het volgende. ‘Ik sta voor de deur en klop aan. Als iemand mijn stem hoort en de deur opent, zal Ik binnenkomen, en we zullen samen eten, Ik met hem en hij met Mij’ (Openbaring 3:20).

Het stralende linnen van onze goede daden krijgen we van Christus zelf

Er zit in dat beeld van het avondmaal ook iets dat krachtig vooruitwijst naar deze bruiloft van het Lam: samen eten en drinken. Het beeld van de bruid die wacht op de bruidegom laat ons uitkijken naar het bruiloftsmaal! Ik denk dat we het avondmaal als afspiegeling van die latere maaltijd, dat bruiloftsmaal, heel bewust en intens kunnen vieren. Ik denk ook dat we – meer dan we wellicht gewend zijn – er veel moeite voor moeten doen om dit sacrament, en kerkdiensten waarin dit gevierd wordt, te benutten om het verlangen naar deze bruiloft vorm te geven en te laten groeien.

Lichaam

Tot slot. Een bruiloft is het feest van de eenwording van man en vrouw. Daar kijk je naar uit: samenleven, samen genieten van elkaar. Bijzonder dat zo’n heel aards en lichamelijk beeld van trouwen gebruikt wordt voor Christus en de kerk. Eén worden met Christus: als je de brieven van Paulus leest, kom je dat beeld vaak tegen. Denk ook aan het beroemde hoofdstuk over het huwelijk in Efeziërs 5:31-32: ‘Daarom zal een man zijn vader en moeder verlaten en zich hechten aan zijn vrouw, en die twee zullen één lichaam zijn. Dit mysterie is groot en ik betrek het op Christus en de kerk.’

Eén lichaam worden: die intense verbondenheid tussen man en vrouw, bruid en bruidegom, dat grote verlangen rond een bruiloft; dat mag ons gemeenteleven bepalen. Dat betekent: enorm toeleven naar die dag, die tijd dat we één met Christus zullen zijn. Compleet opgaan in, genieten van God. Zoals de Catechismus van Westminster zegt: ‘Het hoofddoel van de mens is God te eren en eeuwig van Hem te genieten, ons in Hem te verheugen.’

Intensief

Blij zijn met en genieten van elkaar; het heerlijk vinden om dicht bij elkaar te zijn, in elkaar op te gaan. Dat betekent dat wij als bruid misschien toch meer met onze bruidegom moeten bezig zijn. Want van een bruid die het wel prima vindt dat we gewoon kerk zijn zoals we zijn, die plichtmatig nog wel wat roept over de bruiloft die gaat komen, maar er in feite niet mee bezig is, die toch wat ongeïnteresseerd lijkt, daar wordt een bruidegom niet echt blij van… Ook op dit punt kan het beeld van de kerk als bruid ons verder helpen. Om te beseffen hoe intensief dat beeld ons doen en laten kan en mag bepalen. Hoe we ons er als gemeente door kunnen laten vormen.

Verlangen naar de bruiloft als bruid van Christus is een beeld dat in allerlei aspecten uitnodigt tot meditatie en doordenken. Het is een Bijbels beeld waarin het groeiende verlangen naar de terugkomst van Christus doorklinkt.

Dit artikel is geschreven door Hans Schaeffer en gepubliceerd in OnderWeg.

Hans Schaeffer

Hans Schaeffer

Is als gedreven theoloog en onderzoeker bezig op het snijvlak van theologie en praktijk. Was acht jaar predikant in Wageningen, heeft gestudeerd in Kampen, Tübingen en Londen. Wil mensen leren nadenken en bezinnen, om daardoor te verbinden. Geeft les aan de TU in Kampen, houdt lezingen en doet praktijkonderzoek.