Inmiddels is de vrijgemaakte kerk een dame van middelbare leeftijd geworden; er zijn maar weinigen die de vrijmaking in 1944 nog bewust hebben meegemaakt en we zijn al heel wat generaties verder. Dat betekent hoe dan ook een verandering. Min of meer officieus verwijzen we in onze naam naar de nieuwe start die we toen met elkaar maakten, maar het vraagt steeds meer uitleg.
Er zit nog iets anders aan; een nieuwe start betekent ook nieuw enthousiasme voor de zaak van de Heer, bereidheid om de dingen op een andere manier aan te pakken. Later komt dan de behoeft om een en ander te stroomlijnen en in goede banen te leiden. Je zag dat in het ontstaan van tal van organisaties die het besef van: het moet anders dan we deden, weg van het gearriveerde christendom van de jaren dertig, handen en voeten gaven. Voor wie denkt: hoezo gearriveerd in de jaren dertig: kijk maar eens naar de kerkgebouwen uit die tijd. Die hebben vaak een uitstraling van: wij, gereformeerden, tellen tegenwoordig mee. Dat deze houding doorbroken werd, is goed geweest.

Verstarring
Inmiddels zijn we vijf generaties verder en het verhaal van de gereformeerde organisaties is niet meer uit te leggen. Alles goed en wel dat het geweest is, maar je zou het niet meer van de grond krijgen. Toch zie je in de kerk zelf we; degelijk pogingen om het oude verhaal vast te houden. Ruim dertig jaar geleden zei een ‘synodale’ predikant ( zo noemden we iemand uit de gereformeerde kerk die niet meegegaan was met de vrijmaking) tegen mij dat onze synode weliswaar over weinig sprak, maar dat het wel uitgevoerd werd. We hadden toen bijvoorbeeld net een nieuwe kerkorde met strikte regels voor de liturgie. Hun synode daarentegen sprak wel over heel veel, ook allerlei politieke zaken stonden op de agenda, maar iedereen ging daarmee zijn eigen gang. Er was, laten we het voorzichtig zeggen, bij ons toch wat discrepantie tussen de belijdenis van de zelfstandigheid van de plaatselijke kerk volgens het nieuwe testament en de centralistische aanpak vanuit het kerkverband. We waren vuurbenauwd voor wildgroei. Dat leidde tot verstarring.

Liedboek
Neem de gang van zaken rond het liedboek uit 1973. Toen het verscheen was het duidelijk dat van integrale overname geen sprake kon zijn: er stonden nogal wat onacceptabele liederen in. Eind jaren negentig bleek na grondige studie van de deputaten hiervoor ongeveer de helft wel acceptabel te zijn. Dat was toen een stap te ver: ineens ruim 250 liederen erbij. In een moeizaam proces tot aan de voorlaatste synode toe zijn toen elke keer een nieuwe lichting liederen definitief goedgekeurd. Een sterk gecontroleerd proces. Gaf je per ongeluk of met opzet een lied op buiten de selectie, dan kreeg je dat wel te horen.
Vorig jaar verscheen het liedboek 2013, met ruim duizend liederen. Onze deputaten waren bij de totstandkoming ervan betrokken. Opvallend genoeg is er nu door de synode van Ede gekozen voor een heel ander proces: de kerken worden verstandig genoeg geacht om zelf een keus uit het aanbod te maken. In feite is daarmee veel meer vrij gegeven. Dan kun je die keuze ook maken uit de opwekkingsbundel (deed ongeveer de helft van de kerken al, bleek uit het antwoord op vragen die ik enkele jaren geleden aan de kerken daarover stelde in het kader van het jaaroverzicht in het handboekje), en uit de evangelische liedbundel, Johannes de Heer, Zingend geloven, Liedboek 1973, enzovoort. (Mits de afdracht van de auteursrechten goed geregeld is…)

Transitie
Daar zit een heel andere benadering achter, die rekening houdt met de gegroeide diversiteit binnen de kerken. Een benadering die past bij de cultuur waarin wij leven. Neem de energietransitie. Ook een overgang. Van de fossiele brandstoffen weg naar een meer duurzame manier om energie op te wekken. Daarover is natuurlijk veel meer te zeggen dan hier nu kan. Maar opvallend daarbij is de nadruk op plaatselijke en regionale initiatieven. Het zijn niet de grote (olie)maatschappijen die karakteristiek zijn voor de omslag, maar de afspraken van mensen onderling om coöperaties op te zetten en alternatieven te bedenken.
Je bent altijd kerk binnen de cultuur waarin je leeft. Met deze omslag naar een netwerksamenleving krijg je dus te maken. In het besluit over het liedboek en de eigen gezangenbundel, als aanvulling daarop, zie je dat terug.
Niet iedereen merkt dit op. Dat komt naar voren in de commotie over het verdwenen ‘Ere zij God’. Om allerlei redenen staat dat niet meer in de nieuwe gezangbundel. Nu gaat het mij er niet om of dat goede of slechte redenen waren. Er is echter geen sprake van dat dit lied of een ander dat niet meer in de bundel staat niet meer gezongen mag worden. We hebben ervoor gekozen om hier anders mee om te gaan. Blijven opgeven dus.
Bewustwording
De grote vraag hierbij is dan: laat je dit ongemerkt gebeuren en wordt je meegenomen in de stroom van de cultuur waarin je leeft of ben je je ervan bewust en kun je keuzes maken. Ik begon met de opmerking dat de vrijgemaakte kerk een dame van middelbare leeftijd geworden is. Dan sta je voor de keus: accepteer ik de uitdaging om in deze nieuwe fase in mijn leven er iets moois van te maken of staat de rest van mijn leven in het teken van wat ik ‘nog’ kan doen. Dat betekent dan voortdurend inleveren tot je niets meer kunt inleveren. (Hetzelfde geldt natuurlijk voor heren van middelbare leeftijd zoals ik…). Voor de kerk is dat ook een belangrijk moment. In een andere discussie en een andere tijd heeft K.Schilder eens een prachtig artikel geschreven over dat fatale woordje ‘nog’, dat echte vernieuwing in de kerk in de weg staat. Wil je echter keuzes maken, dan zul je moeten beseffen wat van blijvende waarde is, ook in het leven van de kerk. Dat is heel veel. Daarover een andere keer.

Dit artikel is gepubliceerd in de GEREFORMEERDE KERKBODE van Groningen, Fryslan en Drenthe van 11 juli 2014. Voor abonnementen of informatie: Stuur een mail naar kerkbode@scholma.nl

The following two tabs change content below.

Jan Kuiper

Onderzoeker op Praktijkcentrum
Als eindredacteur verantwoordelijk voor artikelen voor werkers in de kerk. Wil hiermee een brug slaan van de bijbel naar de praktijk. Brengt hiervoor zijn ervaring als predikant in en zijn ervaring in projectmanagement. Heeft graag zicht op het grotere geheel. Schrijft het kerkelijk jaaroverzicht voor Handboek Gereformeerde Kerken. Mail of bel (038) 42 555 18

Laatste berichten van Jan Kuiper (toon alles)