Het is een verhaal uit de familie van mijn vrouw. Iemand overweegt thuis te blijven uit de kerk omdat de preken langs hem heen glijden, maar hij krijgt de tip om door te gaan: wacht op de elfde preek, die je raakt. Heel herkenbaar. Lang niet altijd gaat het net over de dingen die je bezig houden. Dat kan natuurlijk ook niet. Als er nu nog één leefwereld was waarbij een preek moest aansluiten. Maar ieder heeft zijn eigen leefwereld.
Soms raakt een preek je meer dan andere. Dat had ik zondagmorgen, gewoon in de gemeente waar ik thuis hoor, in een korte, maar volwaardige preek voor het avondmaal. En dan nog wel een zonder presentatie.

God is God
Het ging over de woorden van Agur, uit Spreuken 30. We weten niets van die man; uit de inzet van zijn bijdrage aan het boek Spreuken blijkt dat hij worstelde met zijn geloof: ik ben zo moe… Hij komt tot de erkenning dat de Heilige niet te vangen is. Heeft hij dat dan geprobeerd? Zou heel menselijk zijn. We willen immers houvast. Ergens eerder in de week daarvoor kwam ik de uitdrukking tegen:

God past niet in ons lucifersdoosje. Hij is te groot voor onze gedachten. Maar Hij geeft zich wel: in zijn Woord, en in de sacramenten die wij ook aanduiden met het woord heilig. Oneindig hoog en tegelijk heel dichtbij.

Terwijl ik dit opschrijf, merk ik al dat mijn eigen gedachten zich mengen met de herinnering aan die preek. De dingen die de predikant zei en de dingen die door mijn hoofd speelden, lopen door elkaar. Dat is dan ook de bedoeling. Dan ben je ermee aan het werk.

Praten over de Heilige
Waarschijnlijk heeft het ermee te maken dat iemand in mijn omgeving constateerde dat veel mensen eindeloos praten over God en doen alsof ze precies weten hoe die in elkaar zit. Tegelijk blijft het dan wat abstract: de naam Jezus valt daarbij niet zo vaak. Daarover mocht ik ’s middags zelf preken aan de hand van zondag acht uit de Heidelbergse Catechismus. Over de Drie-eenheid: waarom spreken we over Vader, Zoon en heilige Geest, terwijl er toch maar één God is. Antwoord: zo heeft God zich geopenbaard. Ik deed dat aan de hand van Jesaja zes: een visioen waarin Jesaja tot profeet geroepen wordt en ik zag in dat hoofdstuk de Drie-enige aan het werk. Niet in het driemaal heilig van de serafijnen, maar wel in de God van heel de schepping die Jesaja reinigt van zijn onheiligheid en sterkt voor die onvoorstelbare taak om mensen wakker te schudden uit hun gerieflijke ideeën over hun God. In het woord Drie-eenheid maken we als kerk duidelijk dat je als mens vanuit jezelf geen zinnig woord over de Heilige kunt zeggen en dat je eigen gedachten stuk lopen op zijn werkelijkheid.

Volgend seizoen
De predikant van ’s morgens gaf een tip mee voor het komende seizoen in vereniging of kring. Ga nou eens niet met elkaar praten aan de hand van het zoveelste vlotgeschreven boekje, maar neem het woord van Agur serieus: Elk woord van God is getoetst,
hij is een schild voor wie bij hem hun toevlucht zoeken. (Spreuken 30: 5). Er is op zichzelf niets tegen boekjes die je helpen om de Bijbel te begrijpen. Maar ze kunnen Gods woord zelf niet vervangen. Dat blijft door de eeuwen heen glanzen, terwijl die boekjes in vergelijking eendagsvliegen zijn.

Bij prof.dr. J. van Bruggen leerden we dat het lezen van boeken over de Bijbel betekent dat je bezig bent met de geschiedenis van de uitleg, niet met het uitleggen van de Bijbel zelf. Heel waardevol natuurlijk: je gaat in gesprek met anderen via hun geschreven woord en je toetst je eigen ideeën. Zoals een andere leermeester zei: als je een uitleg hebt die niemand voor je had, is de kans groot dat ook niemand na je die uitleg heeft. Toch ook duidelijk beperkt: bezig met Gods boodschap voor deze tijd is allereerst luisteren naar de woorden van de Heilige zelf. Ik vind dat een heldere uitdaging voor het komende seizoen.

De weg der middelen
Het verhaal van de elfde preek is een illustratie van wat we belijden. Ik denk aan het laatste hoofdstuk van de Dordtse Leerregels, dat heel reëel spreekt over de strijd van het geloof. Laat het zo zijn dat God niet terugkomt op zijn besluit jou zijn liefde te schenken, als mens heb je vaak je vragen en is juist dat besef van Gods nabijheid soms ver weg. Dan wijzen we elkaar erop dat God zijn werk uitvoert door het evangelie en dat het dus goed is om daarnaar te blijven luisteren en de sacramenten te blijven gebruiken. Dat heet dan in ons kerkelijk spraakgebruik de weg der middelen. Niet spectaculair: het gaat niet om een aparte openbaring buiten het woord van God om, maar wel effectief. Nu al eeuwenlang.

Dit artikel is gepubliceerd in de GEREFORMEERDE KERKBODE van Groningen, Fryslan en Drenthe van 27 juni 2014. Voor abonnementen of informatie: Stuur een mail naar kerkbode@scholma.nl

The following two tabs change content below.

Jan Kuiper

Onderzoeker op Praktijkcentrum
Als eindredacteur verantwoordelijk voor artikelen voor werkers in de kerk. Wil hiermee een brug slaan van de bijbel naar de praktijk. Brengt hiervoor zijn ervaring als predikant in en zijn ervaring in projectmanagement. Heeft graag zicht op het grotere geheel. Schrijft het kerkelijk jaaroverzicht voor Handboek Gereformeerde Kerken. Mail of bel (038) 42 555 18

Laatste berichten van Jan Kuiper (toon alles)