“Wat doe jij hier?’, vroegen ze toen ik op 20 september het symposium bijwoonde dat de overdacht markeerde van het werk van Litindo aan de plaatselijke kerk in Mundijong van de Free Reformed Churches of Australia. Even voor de duidelijkheid: Litindo is een afkorting van een rij woorden in het Indonesisch. Het is de naam voor het werk om goede boeken te vertalen, te bewerken of te schrijven in het Indonesisch. Er waren drie predikanten binnen de vrijgemaakte kerken daarvoor vrijgesteld: Henk Venema, Gerrit Riemer en Jaap Groen. Maar ze zijn inmiddels alle drie met emeritaat, ook voor dit werk.

De vraag is typerend voor het proces waarbij het steeds lastiger werd om mensen in de kerk warm te maken voor dit soort projecten. Dat was een van de motieven voor de kerken die het project steunden, de Groninger kerken, om dit werk over te dragen. En kennelijk had dit ook invloed op de beeldvorming bij de betrokkenen zelf: verder waren vooral mensen aanwezig die vanuit het verleden of vanuit hun huidige praktijk een band hadden met het zendingswerk in Indonesië. En zo’n band heb ik alleen indirect. Dus was doet Jan Kuiper daar? Gewoon, ik was uitgenodigd.

Overgang

Het symposium markeerde een overgang. Misschien wel het meest in de beeldvorming. Zending in Indonesië daarover werden de leden van de vrijgemaakte kerken geïnformeerd via het zendingsblad ‘Tot aan de einden der aarde’, later vervangen door ‘Naast’. En daar ging het, voorzover het Indonesië betreft, vooral over Irian, waar de Papoea’s woonden en over Sumba en Borneo (Kalimantan Barat). Die gebieden waren de snippers die na de Vrijmaking van 1944 overbleven voor die kerken. De rest, dus het overgrote deel van het eilandenrijk was al verkaveld. Andere kerken in binnen- en buitenland dreven daar zending. Op het symposium kwamen op dit punt boeiende cijfers naar voren. Indonesië kent ongeveer 250 miljoen inwoners; een tiende daarvan is christelijk. En naast Litindo is er een wereld aan andere christelijke uitgevers, met wie ze ook samenwerken.

Als ik eerlijk ben, stond dat voor de oudere vrijgemaakten, van wie ik er een ben, dertig jaar geleden niet zo op het netvlies. De christelijke wereld blijkt veel groter dan gedacht. Dat doet niets af aan de waardering voor het werk van de drie predikanten die nu officieel hun vertaal- en schrijfwerk voor Litindo beëindigd hebben (maar officieus nog van alles en nog wat gaan afronden). Ze hebben hun kennis van de taal en cultuur, gekoppeld aan de ervaring met de mensen daar kunnen inzetten voor het leveren van goede lectuur en kerken in Nederland hebben de visie gehad om dit werk te steunen. Maar ze hebben dit werk sinds 2006 samen gedaan met Eukumindo, een breed platform voor consultatie en uitwisseling tussen zendingen in Europa en Indonesië. De inbreng van Litindo was onder andere te merken in de discussie over de plaats van de Heidelbergse catechismus. Ik zie dus een overgang die bescheiden maakt: van een bijna exclusief vrijgemaakt gebeuren naar een inbedding in de brede traditie van de kerk, ook in Indonesië. Ook een overgang die we in Nederland kunnen aantreffen. Elkaar als kerken ontmoeten in een plaatselijk platform, bijvoorbeeld een Raad van Kerken, wordt steeds meer gebruikelijk. Dat op het symposium in Kampen dr. Th. van den End (Gereformeerde Zendingsbond) en drs. H.Lems spraken, is tekenend voor de veranderde houding.

Gereformeerd en christelijk

Boeiend vond ik ook een ander verschil. Prof.dr. J. Van Bruggen was voor een panelgesprek aanwezig en gaf van tevoren aan waarom hij het werk van Litindo een warm hart toedroeg. Een aantal van zijn commentaren op het Nieuwe testament zijn vertaald in de Indonesische taal. Dat was misschien de aanleiding. Maar hij gaf aan dat hij het belangrijk vond dat de boodschap van de Bijbel over Christus voor iedereen kon klinken. De heer K.Wieske was vanuit Australië aanwezig om de overdracht van het werk te aanvaarden. Hij sprak in de Australische variant van het Engels en bij hem viel om de drie zinnen het woord Reformed, gereformeerd. Vooruit, ook Presbyterianen kwamen in beeld.

Ik vermoed dat het bij beiden om hetzelfde gaat. In de bonte wereld van christelijk geloven, ook in Indonesië, is het belangrijk dat het evangelie zuiver klinkt. Het werk gebeurt in een wereld waarin allerlei stromingen aanwezig zijn. Net als hier heb je te maken met vrijzinnigheid, met charismatische stromingen in een Amerikaans getint christendom, met een rooms-katholieke kerk, al is die in Indonesië dan conservatiever dan wij gewend zijn. Op het symposium kwam even naar voren dat ook het magisch denken nog volop aanwezig is, maar, bedacht ik toen, dr. Henk Vreekamp wees er vlak voor zijn plotseling overlijden een paar jaar geleden nog op dat dit ook nog steeds een rol speelt in ons eigen land, op de Veluwe bijvoorbeeld.

Begrijp me goed: ik heb niets tegen ‘gereformeerd’, integendeel. Het woord gaat over de hartelijke intentie om in je vertolken van de boodschap recht te doen aan heel de Bijbel, zoals die naar ons toe komt als het Woord van de levende God. En die intentie is ongelooflijk actueel in een wereld waarin mensen hun eigen geloof bij elkaar sprokkelen in een soms heel persoonlijke mix van gegevens uit de Bijbel. Dat is natuurlijk heel boeiend, maar heeft ook inzicht dat het geloof zozeer iets van jezelf wordt dat het ook niet meer is dan je eigen overtuiging. Geen sprong boven jezelf uit.

Daarom is de combinatie naar mijn overtuiging zo belangrijk. Gereformeerd is niet een van de kleuren binnen het spectrum van het christendom (beeld van Abraham Kuyper) maar wil doortocht geven aan de volheid van de Bijbelse boodschap.

Bescheidenheid

Of dat in de praktijk ook lukt, is telkens weer de vraag. Mij trof bijvoorbeeld dat op het symposium even terloops opgemerkt werd dat de Dordtse Leerregels pas in 2000 in het Indonesisch vertaald zijn. De Heidelbergse Catechismus wordt al sinds de zeventiende eeuw vertaald; en ik vermoed de Nederlandse geloofsbelijdenis ook: de Molukse Evangelische kerk, die we ook in Nederland kennen, kent wel de catechismus als belijdenis, maar niet de NGB: die vonden ze te veel toegespitst op de situatie in Nederland. Maar kennelijk was er toch een aarzeling om de Nederlandse discussie van de zeventiende eeuw zomaar te exporteren naar de koloniën. En van de boeken van Van Bruggen werd opgemerkt dat ze zo moeilijk te vertalen waren, door de vele vergelijkingen die hij gebruikt. “Je mag de Bijbel niet laten buikspreken” is er een van. Vrijwel onvertaalbaar in een taal met een andere cultuur. Wie zich bezighoudt met zending ver weg maakt niet alleen kennis met een heel andere cultuur, maar merkt ook dat de eigen cultuur ongemerkt een grote rol speelt in de vertolking van het evangelie van Christus en dat maakt bescheiden. Dat een Australische kerk zo’n cultuurbeladen werk overneemt, geeft misschien ook kansen in een verder zo moeizaam verlopend gesprek tussen de kerken daar en in Nederland over de omgang met de Bijbel.

Dit artikel is gepubliceerd in de GEREFORMEERDE KERKBODE van Groningen, Fryslan en Drenthe van 29 september 2018. Voor abonnementen of informatie: Stuur een mail naar kerkbode@scholma.nl

Jan Kuiper

Jan Kuiper

Onderzoeker at Praktijkcentrum
Als eindredacteur verantwoordelijk voor artikelen voor werkers in de kerk. Wil hiermee een brug slaan van de bijbel naar de praktijk. Brengt hiervoor zijn ervaring als predikant in en zijn ervaring in projectmanagement. Heeft graag zicht op het grotere geheel. Schrijft het kerkelijk jaaroverzicht voor Handboek Gereformeerde Kerken. Mail of bel (038) 42 555 18
Jan Kuiper
Jan Kuiper

Latest posts by Jan Kuiper (see all)