Leve de kleine groep?

Hoe lang duurt het nog voor de omstandigheden weer normaal zijn en we weer met de hele gemeente naar de kerk kunnen? Het is al juli en de toekomst is nog niet te voorspellen. De versoepelingen wekken verwachtingen, maar de manier waarop de regels aan de kant geschoven worden, temperen die. Onlangs waren we uit eten met familie en vrienden en er was niemand die bij de deur vragen stelde. We zijn allemaal gezond, God zij dank.
Voor kerken staat de deur op een kier. Samenkomsten met meer dan honderd mensen mogen, maar welk kerkgebouw heeft de ruimte om met inachtneming van de RIVM-richtlijnen meer mensen een plek te geven? Dat kan alleen in de soms gigantische kerkgebouwen uit de Middeleeuwen, of van sommige Gereformeerde Gemeenten. Beperkte mogelijkheden dus, voor de meeste kerken.

Bezinning

Hoe lang gaat dit duren? Een half jaar? Twee jaar? Niemand weet het. In ieder geval duurt het lang genoeg om een bezinning op gang te brengen. Het was tot nu toe vrij standaard om te zeggen dat de kern van kerkzijn ligt in de zondagse samenkomst. Zondag 38 van de Heidelbergse Catechismus verbindt de elementen van gemeentezijn uit Handelingen 2 met die kerkdienst op zondag: het onderwijs van de apostelen, het bidden, het breken van het brood en het zijn van een gemeenschap, dat zich uit in de zorg voor elkaar. Het samen vieren van de liturgie.

Hoelang gaat dit duren? Een half jaar? Twee jaar?

Dat staat onder druk. Voorlopig is de aanwezigheid tijdens de dienst beperkt voor wie mag en durft. En zingen is er ook niet bij. Hoe staat het dan met de overtuiging dat de kerkdienst het hart van de gemeente is? Dat vraagt om bezinning.

Digitaal ja en nee

Veel kerken blijven de focus leggen op de onzichtbare kerk: de mensen die thuis meeluisteren en kijken. Die waren er altijd al, de leden die het moesten hebben van de kerkdienst op een bandje. Of via de kerktelefoon en later via internet. Het zingen klonk vaak nergens naar in de tijd van de cassetterecorder, maar de woorden kwamen zonder afleiding van draaiende kinderen voor je en King-ontrollende mensen achter je soms directer over. Dat heb ik vaak gehoord. Maar de zondagsbeleving was weg: zalig wie op zondag pas aan de beurt was voor het bandje van de vorige week. Die had nog een beetje een zondagsgevoel.

Het enthousiasme van het begin lijkt weg te ebben.

Nu is voor de meerderheid van de gemeente deze situatie normaal. En het enthousiasme van het begin lijkt weg te ebben. Onderzoeken in de VS van de Barna-group wijzen daarop. Wie niets aan de invulling van de kerkdienst wijzigt, kan rekenen op minder belangstelling. In ons eigen land gaat dit niet op voor de Beam-diensten van de EO, van het begin aan digitaal gedacht. De omroep gaat er na een zomerpauze mee door. Iets om over na te denken: als digitaal kerkdiensten uitzenden normaal wordt, wat betekent dat dan voor de manier waarop? Dat vraagt om goede voorbeelden en vindingrijkheid. Om praktijken die ook passen bij de kleine gemeente zonder technische kennis van en geld voor de laatste digitale snufjes. En het vraagt om kerkleden die weten van de verleiding van consumentengedrag. Iedereen zal ermee instemmen dat het gaat om de inhoud, maar iedereen weet ook dat de praktijk vaak anders is: wie heeft de leukste diensten?

De kleine groep als oplossing

Moeten we het hebben van de kleine groep? Goed om over na te denken. Het belang ervan is al lang bekend. Uit de negentiende eeuw dateert het verenigingswerk. In de vorm en opzet staat dit onder druk. Maar mensen ontdekten toen dat het goed is om in kleine kring met elkaar door te praten over Gods woord. Later werd deze opzet bijna verdrongen door kringenwerk, waarbij tegelijk een behoorlijk stuk van het pastoraat naar de kringen overgeheveld werd, met meer of minder succes. En nu, door de omstandigheden, ligt er een kans voor de kringen om ook de vieringen over te nemen. Je hebt nog steeds te maken met de richtlijnen van het RIVM, dus met zijn dertigen in een huiskamer is nog steeds geen goed idee, maar kringsgewijs naar de kerk moet in veel gevallen wel kunnen. Er zijn dan ook meer mogelijkheden voor een interactieve dienst, bijvoorbeeld door het rechtstreeks stellen van vragen in plaats van via de app of de mentimeter. Van veel kanten wordt deze oplossing aangedragen. Ik vermoed ook door mensen die toch al voorstander waren van een huiskerkmodel. Je hebt het dan wel over iets anders: je neemt als huiskring de kerkdienst over en vult die zelf in. Dat is anders dan als kring meedoen in de viering voor heel de gemeente. Ik heb daar wat vragen bij.

Met zijn dertigen in een huiskamer is nog steeds geen goed idee, maar kringsgewijs naar de kerk moet in veel gevallen wel kunnen.

Vragen

Die vragen hebben te maken met de beperkingen van een kleine kring. Als je daarin even meedraait, kun je bijna voorspellen wat broeder x of zuster y gaat zeggen. Je weet wat ze belangrijk vinden en je reageert bijna al voordat ze uitgesproken zijn. Het aantal idee├źn dat circuleert is beperkt. Er zijn vast wel kringen waarin de leden elkaar stimuleren en er echt vernieuwende dingen ontstaan. Maar vaak gaat het om een willekeurig ontstane groep van gemeenteleden die, als het goed is, samen concreet maken wat ze vanuit de verkondiging van het evangelie aangereikt krijgen. Wijlen dr. Jaap Modderman heeft dat in zijn proefschrift onderzocht en was kritisch over de ontwikkeling richting kringen. Gaat het misschien meer om de gezelligheid met elkaar? Of, vraag ik me soms af, hebben we wel de woorden om over onze relatie met de Heer te spreken?

We zeggen al eeuwenlang dat de kerkdeuren openstaan voor iedereen, maar kennelijk nu even niet.

Een andere vraag gaat over het open karakter van de kringen en kerkdiensten. In de meeste kerkblaadjes die ik lees voor mijn rubriek Praktijklokaal in het blad Onderweg kom ik voor de komende tijd allerlei reserveringssystemen tegen: je kunt je opgeven voor een kerkdienst via de app van de kerk. We zeggen al eeuwenlang dat de kerkdeuren openstaan voor iedereen, maar kennelijk nu even niet. Een aantal kerken maakt overigens wel expliciet dat gasten welkom zijn. Leer en leven combineren blijkt lastig. Soms hoor ik dat ook van een kring: we hebben het zo goed met elkaar dat we niet op nieuwe leden zitten te wachten. Onbedoeld, hoop ik, scherm je dan af. Net als mensen die je enthousiast verwelkomen in een nieuwe gemeente en tussen neus en lippen door vertellen over hun uitgebreide vriendenkring die al hun tijd opslokt. Dus: ga je de weg van de kring-/huisgemeente op, hoe zorg je er dan met elkaar voor dat er niet een situatie van geestelijke inteelt ontstaat? Openheid is een levensbelangrijke voorwaarde.

Katholiek in 2020

Welke weg je als kerk ingaat, zal verschillend uitpakken. Allerlei overwegingen spelen daarbij een rol. Ik hoop dat de belijdenis dat we geloven in de algemene, christelijke kerk daarin meeklinkt. Dat vraagt om geloof. Ik heb vaak mogen voorgaan in kleine gemeenten, soms met minder dan twintig aanwezigen en ze mogen wijzen op de ruimte van de katholieke kerk. Samen verbonden in het ene geloof. Misschien voor een kleine kring dichter bij huis dan voor een grote gemeente die zelf alles in huis heeft. Onder de omstandigheden van nu voor iedereen om extra op te letten. Blijf met elkaar kerkzijn op het niveau van de wereldkerk.

Jan Kuiper
Neem contact op