Om te weten wat je moet doen, is het belangrijk om te weten wie je bent. Dat geldt voor mensen; het geldt ook voor kerken. Onzekerheid over onze identiteit betekent meestal ook onzekerheid over onze taken. In dit artikel wil ik daarom een paar dingen op een rij zetten over de ­identiteit van de kerk en wat dit betekent voor haar taak in de wereld.

Voor God en zijn wereld

Toen Jezus zijn twaalf discipelen uitkoos, schrijft Marcus, deed hij dat ‘opdat zij bij hem zouden zijn en opdat hij hen zou uitzenden’ (3:14). Dat vertelt het hele verhaal in één zin. De kerk is er om bij Jezus te blijven en om door hem uitgezonden te worden in de wereld die hij liefheeft. Dat hoort bij elkaar. We kunnen onmogelijk weten wat we moeten doen in de wereld, als we niet ‘bij Jezus’ zijn (vgl. Johannes 15:1-8). Dat komt omdat deze wereld zijn wereld is, de plek van zijn regering. Op een andere plaats zegt Jezus het zo: ‘Wees daarom niet bezorgd over jullie leven: wat jullie zullen eten of drinken; of over je lichaam: waarmee jullie je zullen kleden. Is het leven niet meer dan voedsel en is het lichaam niet meer dan kleding?’ (Matteüs 6:25). Jezus vervolgt in vers 33: ‘Maar zoek eerst het koninkrijk en zijn gerechtigheid, en al deze dingen zullen jullie toevallen’.

Jezus roept hier de mensen die ‘bij hem’ zijn (zijn kerk) op om niet bezorgd te zijn. Juist daarom kunnen we het koninkrijk zoeken, dat wil zeggen: onze taken in de wereld uitvoeren. We doen dat niet omdat we te kort komen, of omdat we onze overleving willen waarborgen. We doen het omdat we bij Jezus horen en door hem geroepen zijn. Alles wat we kunnen zeggen over missionair kerk zijn, begint hier. Zending begint met een explosie van vreugde, met putten uit overvloed. We hebben in de wereld niets te halen; we hebben veel te geven (vgl. Lucas 10:5-11).

Drie belangrijke ontwikkelingen

In de afgelopen eeuw is er in de theologie veel nagedacht over de identiteit van de kerk. Steeds meer is daarbij aandacht gekomen voor dit ‘zoeken van het koninkrijk’ als haar fundamentele opdracht. Dat relativeert de kerk ook enigszins. Bij missionair werk gaat het primair om de doorwerking van Gods koninkrijk – de zending van God. Niet het belang van een bedreigd instituut, niet het rekruteren van nieuwe leden, niet de status van de kerk in de samenleving staan op het spel bij zending. Het gaat erom dat Gods bedoelingen zichtbaar worden in de wereld. De kerk maakt zich daaraan dienstbaar. Zij wijst niet op zichzelf maar op wat God doet in de wereld, en op wat hij nog gaat doen.

Een tweede ontwikkeling heeft hier alles mee te maken. Als we Gods koninkrijk verwachten, dan mogen we ons ook afvragen wat we daar hier en nu van te zien krijgen. Nu, de kerk is bedoeld om een getuige te zijn van dat komende rijk van God. Hoe? Door te verwijzen naar het begin van dat rijk, toen Jezus op aarde kwam. Zij mag iets van Gods regering laten zien in haar woorden en daden (Jezus volgen), in haar samen leven tot eer van God, en in haar houding tegenover de wereld (de weg van het kruis). Paulus werkt dat op een prachtige manier uit in Romeinen 12. De kerk werkt in het vertrouwen dat alles wat wij doen ‘niet tevergeefs is in de Heer’ (1 Korintiërs 15:58).

De derde belangrijke ontwikkeling betreft de leer van het heil. Al te vaak is het zo voorgesteld alsof God ons wil redden uit deze wereld, om ons (na onze dood) daar zo ver mogelijk vandaan te brengen in de hemel. De wereld is een zinkend schip, dat door God is opgegeven. Maar gelukkig wil hij nog enkele bevoorrechte mensen daaruit redden… Toch is dit niet wat de Bijbel zegt. De Bijbel getuigt op elke bladzijde dat God zijn schepping niet opgeeft. Waarom kwam Jezus? Omdat God de wereld lief had (Johannes 3:16). Waarom kondigde Jezus het koninkrijk aan? Waarom redt God mensen en waarom vergeeft hij hun zonden? God kiest zijn volk uit en redt ons om ons in te wijden in en toe te wijden aan zijn koninkrijk, zijn glorieuze regering over zijn schepping. Wie gered wordt van zijn of haar opstand tegen God, wordt in dienst genomen van zijn zending in de wereld: Gods grote missie om zijn schepping te herstellen.

Kom en zie – ga en getuig

Kortom, de kerk is het volk van God dat door hem is gekozen uit de wereld om zich toe te wijden aan de wereld, vanuit het verlangen naar het koninkrijk. Dat geheel van uitgekozen worden, voorbereid, gereinigd, geoefend en opnieuw georiënteerd worden, dat noemt de Bijbel onze ‘redding’. Die identiteit van Gods volk wordt op twee manieren zichtbaar.

Aan de ene kant laat de kerk iets zien van dit koninkrijk, door in alles ‘bij Jezus’ te blijven, hem te volgen, zijn lichaam te zijn. De kerk nodigt andere mensen uit: ‘Kom en zie’. Zij is gastvrij, uitnodigend, behulpzaam naar de zoekers en zwakken in deze wereld.

Aan de andere kant zoekt zij in de wereld naar dit koninkrijk door ‘uitgezonden’ te worden: ‘Ga dan heen’. Zo gaat de kerk de wereld in als instrument van Gods zending. Zij evangeliseert, zoekt naar gerechtigheid, helpt de armen.

Uitwerking

Hoe is dit concreet te maken? Ik heb geprobeerd dat te doen in het volgende plaatje.

Volgens mij zou elke kerk dit overzichtje kunnen gebruiken om haar eigen missionaire identiteit tegen het licht te houden. Hoe werkt het? In de tweede kolom staan vier dimensies van kerk zijn, die vaak genoemd worden en die hun basis in het Nieuwe Testament hebben:

  • liturgie: de lichamelijke en gestructureerde aanbidding van God;
  • gemeenschap met Christus en elkaar;
  • dienst aan elkaar en de wereld;
  • verkondiging van het evangelie.

Die dimensies komen overeen met wat ik maar even ‘Gods plan voor de wereld’ noem. Dat staat in de vierde kolom. God heeft zijn schepping bedoeld als een vrije schepping, vol vrede, gerechtigheid en waarheid. Door de zonde beheersen verslavingen, conflicten, onrecht en een stortvloed van manipulerende informatie ons leven.

Wat is de taak van de kerk? In de eerste plaats (eerste kolom): in haar eigen leven laten zien hoe de wereld van God bedoeld is. In haar liturgie legt zij zich toe op het vormen van bevrijdende ritmes van aanbidding en gezonde gewoonten. Zo laat zij zien wie/wat prioriteit heeft in ons leven. Zij vormt een open, gastvrije gemeenschap, waarin conflicten niet toegedekt worden, maar verzoend in een sfeer van genade. Zij laat geen armoede of onrecht toe in haar gemeenschap, en zij wil ook niet bijdragen aan armoede of onrecht in de wereld. Zij spreekt de waarheid. Dat doet zij in de verkondiging, die ook niet-gelovigen aanspreekt. Zij doet dat ook in de gesprekken onderling, of bij het signaleren van onrecht in de eigen kring.

In de tweede plaats gaat de kerk uit in de wereld om daar in Gods naam te werken aan het herstel van zijn schepping (derde kolom). Haar zending houdt in dat zij mensen helpt om bevrijdende routines en gewoonten te ontwikkelen. In een samenleving waarin velen gebukt gaan onder verslavingen aan werk, seks, sport of geld is dat ongelooflijk belangrijk. Zij verkondigt het evangelie aan wie het maar horen wil. Zij dient mensen en lenigt hun nood, en zij werkt aan een rechtvaardiger wereld.

Schiet de kerk hierin te kort? Natuurlijk. Maar is dit de moeite waard om voor te leven en te sterven? In een tijd waarin iedereen moe is van grote verhalen, en waarin cynisme om zich heen grijpt, zouden christenen volgens mij moeten blijven zeggen: ‘Ja! Er is niets wat meer de moeite waard is dan dit’. Laten we daarom nooit vergeten wie we zijn, want daarin ligt onze hoop.

(Het artikel “Missionaire ecclesiologie in een tijd van individualisering” kun je hier downloaden)

The following two tabs change content below.

Anko Oussoren

Adviseur op Praktijkcentrum
Is sociaal, geïnteresseerd in mensen en heeft zich vooral de laatste jaren ingezet voor jongeren binnen en buiten de kerk. Zijn passie ligt bij het jeugdwerk en het missionair gemeente-zijn. Hij heeft het verlangen om gemeenten toe te rusten vanuit de liefde van God. Mail naar Anko