We willen graag dat jongeren zich thuis voelen in de kerk, dat het een vertrouwde plek voor ze is, waar ze gezien worden en die mag bijdragen aan hun relatie met God. Maar wat is ‘je thuis voelen’ en wat is ‘thuis’? Een fysieke plek, specifieke activiteiten, een geloofsleer? En is dat voor iedereen hetzelfde? In een serie van drie artikelen gaan we op deze vragen in.

In 2011 verscheen het boek The politics of home waarin J.W. Duyvendak, hoogleraar sociologie, schrijft over het thuisgevoel van West-Europeanen en Amerikanen. Hij stelt dat het thuisgevoel onder druk staat door de groeiende mobiliteit van goederen, informatie en mensen als gevolg van de globalisering.

Er zijn mensen die deze mobiliteit als een negatieve ontwikkeling zien en mensen die het als een positieve ontwikkeling zien. Daarnaast zijn er mensen die een specifieke plek nodig hebben om zich thuis te voelen en mensen die dat niet nodig hebben. Volgens zijn onderzoek zijn de mensen op grond van deze voorkeuren te verdelen in vier groepen. Hij concludeert dat er vier strategieën zijn voor de manier waarop mensen omgaan met het thuisgevoel in deze wereld.

  • Verloren voelend: Onder de eerste strategie vallen de mensen die zich verloren voelen in deze wereld. Ze zijn niet in staat om zich thuis te voelen in een wereld waarin zo veel veranderd is en waarin naar hun beleving weinig vertrouwde plekken zijn overgebleven. Zij hebben geen strategie (meer) om zich thuis te voelen.
  • Chronisch onderweg: Onder de tweede strategie vallen de mensen die niet de noodzaak voelen om zich aan een specifieke thuisplek te hechten. Daarin zijn zij anders dan de mensen met de andere strategieën. Het thuisgevoel hangt niet samen met één thuisplek. Wat bepaalt of ze zich ergens thuis voelen is bijvoorbeeld de aanwezigheid van een vestiging van een wereldketen als Starbucks.
  • Oud en vertrouwd: Onder de derde strategie vallen de mensen die zich noodzakelijkerwijs meer zijn gaan hechten aan de waarde van hun specifieke thuisplek. Zij richten zich volledig op hun eigen thuisomgeving, uit angst of afweer tegen de globalisering.
  • Gekozen plek: Onder de vierde strategie vallen de mensen die meer waarde hechten aan hun specifieke thuisplek omdat ze daarvoor gekozen hebben. Ze richten zich op een bepaalde plek als onderdeel van hun leefstijl en/of identiteit.

Negatief

Ook binnen de kerk voelen we ons om uiteenlopende redenen wel of niet thuis. In de meeste gesprekken die ik met individuele jongeren en jongvolwassenen voer, komt naar voren dat de gereformeerde kerk waarin ze zijn opgegroeid niet langer de kerk is die hun een thuisplek geeft in deze wereld. Het is veeleer andersom: ze gaan zelf op zoek naar een kerk die past bij hun leefstijl en identiteit (de vierde strategie).

In de kerk wordt daar nog weleens negatief over gesproken en wordt dat jongeren soms kwalijk genomen. Dat is niet alleen een slecht vertrekpunt voor een zinvolle dialoog, maar ik vraag me ook af of het terecht is.

Zo’n negatieve reactie wordt misschien veroorzaakt doordat we zelf een ander beeld hebben bij de kerk als thuis. Binnen onze kerken zijn veel mensen verontrust over allerlei nieuwe ontwikkelingen. Ze raken vervreemd, waardoor de kerk niet langer als vertrouwd wordt ervaren (de derde strategie). Wanneer we hier met jongeren over willen praten, dan zullen we (zowel de jongeren als wijzelf) eerst helder moeten krijgen welk beeld we hebben bij de kerk als thuis.

Relaties

In mijn onderzoek naar het thuisgevoel van jongvolwassenen in een gemeente in Amersfoort kwamen twee dingen naar voren die ik hier graag wil delen. In de eerste plaats gaven de jongvolwassenen aan dat zij, juist omdat ze kíezen voor die gemeente, ook aangesproken mogen worden op hun lidmaatschap. Ze willen zich graag deel voelen van de gemeente en daar ook aan bijdragen.

In de tweede plaats gaven de jongvolwassenen aan dat voor hen de relaties met anderen het allerbelangrijkst zijn voor het thuisgevoel in de geloofsgemeenschap! Dat ze gezien worden en ze samen met anderen kunnen leren, waarbij ze expliciet de bijdragen van jong én oud noemen. In deze gemeente spelen daarbij de kringen een grote rol.

Jongvolwassenen kiezen dus zelf voor een gemeente en voelen zich thuis in een gemeente waarin ze relaties kunnen aangaan met anderen en waarin ze worden aangesproken op hun lidmaatschap.

De volgende keer meer over (jongeren)kringen in de kerk en hoe deze kunnen bijdragen aan het thuisgevoel van jongeren en jongvolwassenen.

Dit artikel is gepubliceerd in het blad OnderWeg #23 12 december 2015.

The following two tabs change content below.

Moniek Mol

Weet als enthousiaste en gedreven adviseur de verschillende kanten van een zaak te belichten. Heeft door diverse banen binnen kerkelijk én niet-kerkelijk jeugdland een brede kijk op verscheidenheid van generaties. Houdt van Zijn kerk en wil graag bijdragen aan een bloeiend Koninkrijk. Wil Hem volgen en ziet dit als een groot avontuur. Mail Moniek