Wie hier en daar signalen opvangt uit plaatselijke gemeenten zal het opvallen dat veel gemeenten en kerkenraden bezig zijn het pastoraat opnieuw vorm te geven. Die geluiden vang ik op uit diverse kerkverbanden. Het pastoraat is aan de gemeente teruggegeven, zo heet het, maar pikt de gemeente dat wel op? Dit artikeltje kan daar geen pasklare oplossing voor geven, wel een aantal dingen aanstippen. Misschien iets van een achtergrond.

Klauterkabouters
‘Kriskras klauteren de kabouters op en over elkaar. Zij houden zich met armen en benen en zelfs met hun puntmuts angstig vast. De spanning stijgt als een speler er weer een kabouter op laat klauteren. Valt de kabouter of blijft hij hangen? Winnaar is die speler, die alle kabouters als eerste kwijt is’ . Zo luidt de beschrijving van een spelletje voor kinderen. Vroeg of laat valt de stapel om: de onderste kabouter is te zwaar beladen. Is rond het pastoraat ook niet zoiets gebeurd?
Het doet denken aan Eljakim. De man die de corrupte Sebna opvolgde in het paleis van de koningen van Juda. Promotie? Het hele gewicht van zijn familie komt aan hem te hangen en ook Eljakim bezwijkt daaronder. Handig, zo’n friend in high places voor die neven en nichten. Maar niet goed voor Eljakim zelf. Zie Jesaja 22. (Met dank aan ds. Jan Willem Roosenbrand, die hierover in zijn studententijd in Kampen een preekvoorstel heeft geleverd). Nu zullen die familieleden van Eljakim eerder bij hem aangeklopt hebben om lucratieve baantjes in het paleis dan om pastorale begeleiding, maar het punt van vergelijking is volgens mij het omgaan met verwachtingen.

Huisbezoek in de lente
Ik denk even aan de kerkenraadsnotulen van een vooroorlogse plattelandsgemeente. Na de zaaitijd en voor de oogst hadden de landbouwers-ouderlingen tijd voor huisbezoeken. In een paar weken gingen ze eind mei/begin juni de gemeente rond. Overdag en ’s avonds. Je had er maar te zijn. De bezoeken werden ’s zondags afgekondigd. Voor de rest van de tijd lees je niet veel over bezoekverslagen. Dan moest het wel heel bijzonder zijn. Het gaat niet om de vraag of dit ideaal was, maar zo ging het.
Later is bedacht dat dit niet werkt: je bouwt geen relatie op en veelvuldiger bezoeken zijn nodig. ‘Even aanwippen’ hoort er ook bij, evenals begeleiding bij moeilijke dingen als huwelijkscrises. Het takenpakket van de ouderling werd behoorlijk verzwaard. Prof.dr. M. Te Velde wees daar al op in de jaren negentig van de vorige eeuw. En dit takenpakket is aan de gemeente teruggegeven. Je kunt dat wel doen, maar niet zonde kritische bezinning op deze historische ontwikkeling. Vond die zijn parallel in de manier waarop de overheid ook allerlei verantwoordelijkheden van de mensen overnam – en nu moet constateren dat dit allemaal niet meer haalbaar is.

Pastoraat als mensenwerk
Bij die bezinning hoort in ieder geval dat we inmiddels meer oog gekregen hebben voor het gegeven dat je ambtsdrager of niet, ook gewoon mens bent, met je eigen geschiedenis, invalshoek, gaven en noem maar op.
Dat is allerminst een ontkenning van de roeping van Godswege die iedereen gekregen heeft om naar elkaar om te zien. Er is een tijd geweest dat op dit laatste sterk de nadruk lag. Buurman Henk werd opeens broeder Jansen als hij op huisbezoek kwam. En niemand sprak de predikant bij zijn voornaam aan. Felle discussies zijn gevoerd over de gewoonte om als kerkenraadslid een zwart pak te dragen tijdens de eredienst, terwijl we toch al sinds de negentiende eeuw binnen de gereformeerde kerken kleervrijheid hebben. Alles om te beklemtonen dat de beste man namens Christus kwam.
Nu moet je vooral gewoon doen en niet de indruk wekken dat je jezelf iets verbeeldt. Naast de mensen staan, is bijna het mooiste compliment dat je kunt krijgen. Het verhaal van de roeping blijft echter helemaal overeind. En niet alleen tijdens de bevestigingsdienst. Paulus noemt ambtsdragers niet voor niets feestgaven van Christus aan zijn gemeente (Efeziërs 4). Vat je het samen, dan dreigde een aantal jaren geleden de persoon achter het ambt te verdwijnen, terwijl nu het risico bestaat dat het ambt achter de persoon verdwijnt. Een heilzame correctie voor het moment, maar ook toekomstbestendig?

Verwachtingsvol
Het hoort bij deze tijd om te spreken over rollen en verantwoordelijkheden. En in de diverse publicaties over pastoraat komt dat ook naar voren. Dan lees je over diverse lijnen: eerste lijn, tweede lijn, derde lijn. Dat kan helpen om elkaar niet te overvragen. En dat kan ook helpen om je eigen rol op te pakken. Dan is het misschien nodig om zelf afstand te nemen van het model van de verzorgingsstaat dat zijn parallellen had binnen de kerk.

Dit artikel is gepubliceerd in de GEREFORMEERDE KERKBODE van Groningen, Fryslan en Drenthe van 5 maart. Voor abonnementen of informatie: Stuur een mail naar kerkbode@scholma.nl

The following two tabs change content below.

Jan Kuiper

Onderzoeker op Praktijkcentrum
Als eindredacteur verantwoordelijk voor artikelen voor werkers in de kerk. Wil hiermee een brug slaan van de bijbel naar de praktijk. Brengt hiervoor zijn ervaring als predikant in en zijn ervaring in projectmanagement. Heeft graag zicht op het grotere geheel. Schrijft het kerkelijk jaaroverzicht voor Handboek Gereformeerde Kerken. Mail of bel (038) 42 555 18